RUTTE-DOCTRINE

HELFT AMBTENAREN WIL MEER TRANSPARANTIE

Tekst Ronald de Kreij Beeld Peter Jonker

FNV-BESTUURDER MIEKE VAN VLIET ZIET ZELDEN REDEN OM ZAKEN WEG TE LATEN UIT HET PUBLIEKE DEBAT

Iets minder dan de helft van de ambtenaren is voor meer openheid naar politiek, media en burgers over de wijze waarop besluitvorming tot stand komt. Dat blijkt uit een onderzoek van FNV Overheid, samen met Binnenlands Bestuur. Bijna een derde vreest echter wel voor 'een grijs, informeel circuit' als alle stukken openbaar worden gemaakt.

Van niets naar alles. Het kan verkeren in politiek Den Haag. Premier Rutte, naamgever van de Rutte-doctrine, is om. Hij vindt niet langer dat persoonlijke beleidsopvattingen van ambtenaren geen onderdeel hoeven uitmaken van de informatieplicht van het kabinet jegens de Tweede Kamer en journalisten. De premier wil nu dat alle stukken die aan de basis liggen van beleid actief openbaar worden gemaakt. ‘De informatievoorziening zal radicaal anders moeten’, meent hij.

Tot frustratie van Kamerleden en journalisten weigerde het kabinet jarenlang memo’s en andere stukken die ten grondslag lagen aan wetsvoorstellen en kabinetsplannen openbaar te maken. Dat Rutte nu als een blad aan een boom is gedraaid, komt door de toeslagenaffaire. Die bracht niet alleen zo’n beetje het hele land in beroering, maar kostte uiteindelijk ook het kabinet de kop. Zelfs nog tijdens de behandeling van deze affaire werden documenten geweigerd of bleken grote delen te zijn zwartgelakt. Ook kwam het voor dat stukken alleen vertrouwelijk ter inzage werden gelegd, waardoor Kamerleden niets met de inhoud konden in het debat.

GRIJS CIRCUIT

Hoe staan de ambtenaren eigenlijk zelf tegenover het actief openbaar maken van beleidsstukken? Dit wilde FNV Overheid graag weten. Daarom deed de bond samen met de redactie van het blad Binnenlands Bestuur onderzoek onder 3.412 FNV-leden bij Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen. Bijna de helft van alle ambtenaren is voor meer openheid, zo leerden de enquête-uitkomsten. Tegelijkertijd waarschuwt een derde dat hierdoor de kans groot is op het ontstaan van een grijs, informeel circuit.

Er is nu al een ‘parallel circuit’, geeft een aantal ambtenaren in de enquête aan. ‘Vanuit de politiek wordt druk uitgeoefend om zaken zoals geconstateerde risico’s niet in notities op te nemen. Ambtenaren worden onder druk gezet om zichzelf te censureren’, stelt een ambtenaar van het ministerie van Financiën. ‘Ik denk dat het een utopie is dat alles openbaar wordt gemaakt’, stelt een collega van datzelfde ministerie. En een ambtenaar uit een grote gemeente: ‘Dat circuit was er al en zal er altijd zijn. Niet voor niets is vaak sprake van: geef mij het archief van de bierviltjes maar, dat is veel completer.’

Vooral Rijksambtenaren vrezen voor het ontstaan van dit grijze circuit. Maar zij zijn van alle ondervraagden wel de grootste voorstanders van meer openheid: 51 procent. Terwijl onder ambtenaren bij de provincie minder dan een op de drie meer openheid ziet zitten.

Ambtenaren van gemeenten, provincies en waterschappen kennen overigens geen Rutte-doctrine, maar wel een variant daarop. In een derde van alle gemeenten worden niet alle beleidsafwegingen openbaar gemaakt, waarop een collegebesluit is gebaseerd. In 13 procent wel. In provincies worden mondjesmaat alle beleidsafwegingen openbaar gemaakt (10 procent); bij waterschappen gaat het om 14 procent.

NIET VRIJ

Mieke van Vliet, bestuurder FNV Overheid: ‘Het kabinet wil breken met de zogeheten Rutte-doctrine, waardoor nu alle stukken die leiden tot een politiek besluit openbaar worden. We vinden dat een goede zaak. Maar als de politiek en hogere ambtenaren niet accepteren dat daarmee ook stukken openbaar worden die hen mogelijk niet welgezind zijn, dan ontstaat een parallel circuit. Met als gevolg dat in de praktijk toch niet alle stukken openbaar worden gemaakt.’

Uit het onderzoek komt ook naar voren dat bijna een kwart van de ambtenaren zich niet meer vrij voelt om allerlei ideeën op papier te zetten wanneer alles openbaar wordt. Van Vliet: ‘Zij verwachten dat ze dan meer telefonisch zullen doen of informeel als straks ook e-mails, kladjes op post-its en whatsappjes openbaar gemaakt moeten worden.’

Uit de enquête blijkt dat iets meer ambtenaren zich geremd zouden voelen (24 procent) in plaats van bevrijd (22 procent) wanneer alle ambtelijke stukken openbaar worden gemaakt. Rijksambtenaren voelen zich iets meer geremd dan gemeenteambtenaren. De ambtenaren bij provincies zouden zich bovengemiddeld vaak geremd voelen.

VOORSTANDERS

Transparantie in het openbaar bestuur is belangrijk, stellen de voorstanders van meer openheid. Iedere inwoner heeft recht op alle informatie die tot een bepaald besluit heeft geleid, vinden zij. Ook komt het de besluitvorming ten goede. ‘Wij zijn ambtenaren in dienst van het volk’, reageert een van de ondervraagden. ‘Geheimhouding hoort er wat mij betreft nooit bij. Er is zelden reden om zaken weg te laten uit het publieke debat.’

‘Als je als overheid iets te verbergen hebt, dan is het meestal mis’, vult een ambtenaar van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat aan. En een gemeenteambtenaar zegt: ‘De openbaarheid van onderliggende stukken en overwegingen die leiden tot de besluitvorming dragen bij aan herstel en behoud van vertrouwen, in een tijd waarin dat heel hard nodig is.’

TEGENSTANDERS

De ambtenaren die tegen actieve openbaarmaking van alle onderliggende stukken zijn, hebben als voornaamste bezwaar dat ze zich dan niet meer vrij voelen om verschillende beleidsopties te formuleren. Ook komt het de besluitvorming niet ten goede, stellen zij. Tevens vrezen zij druk van bovenaf om niet naar eer en geweten te adviseren. Alles openbaar maken leidt tot stroperigheid en kost veel tijd, tekenen anderen aan.

‘Een te grote openbaarheid zal helaas heel veel ambtenaren kopschuw maken’, vreest een ambtenaar van het ministerie van Financiën. Een collega stelt dat veel ambtenaren zich niet veilig genoeg voelen om zaken echt te openbaren. Daar moet eerst iets aan worden gedaan, vindt deze ambtenaar.

‘Het doorkruist de ambtelijke en politieke verhoudingen’, stelt een gemeenteambtenaar. ‘Ambtenaren moeten in alle rust, zonder druk van buiten, kunnen adviseren.’ Een collega uit een andere gemeente: ‘Als je beleid maakt, moet je out of the box mogen denken. Dan komen er ook ideeën voorbij waar je misschien helemaal niet achter staat en die verwerpelijk zijn, maar wel kunnen leiden tot nieuwe frisse ideeën.’

ANGST VOOR REPRESAILLES

Zowel voorstanders als tegenstanders waarschuwen voor risico’s als alle stukken openbaar worden. Ze vinden dat de anonimiteit van ambtenaren gewaarborgd moet worden. Ook vrezen zowel voor- als tegenstanders van volledige openbaarheid dat kritische ambtenaren de mond wordt gesnoerd. Ambtenaren kunnen nu hun adviezen, maar ook bedenkingen, vrijuit op papier zetten zonder dat dit intern en extern volledig openbaar wordt.

Overigens komt uit het onderzoek ook naar voren dat ambtenaren die transparantie hoog op de agenda hebben staan minder kans maken op promotie. FNV vice-voorzitter Kitty Jong hierover: ‘Al eerder brachten wij naar buiten dat de angstcultuur onder ambtenaren groot is. En dat er te weinig gebruik is gemaakt van hun deskundigheid. Dat wreekt zich nu. Werknemers voelen zich geremd uit angst voor represailles op het werk. Zij zijn bang dat hen de mond wordt gesnoerd of dat zij promotie kunnen vergeten. Ook aan dit onderdeel van de doctrine moet een einde komen.’

MULTIDISCIPLINAIRE TEAMS

Om herhaling van gebeurtenissen zoals de toeslagenaffaire bij de Belastingdienst te voorkomen, adviseert FNV Overheid om nieuwe wet- en regelgeving te laten voorbereiden door multidisciplinaire teams waarin ook de werkvloer is vertegenwoordigd (zie ook het artikel Ambtelijke top moet beter luisteren). Deze teams moeten, naast de gebruikelijke beleidsambtenaren en wetgevingsjuristen, ook bestaan uit vertegenwoordigers van uitvoeringsinstanties en inspectiediensten.

Het precieze hoe en wat van het register zou volgens FNV Overheid moeten worden uitgewerkt in nauw overleg met de werkvloer. Daarbij dienen ook vragen aan de orde te komen over het wel of niet noemen van namen van ambtenaren.

RIJKSAMBTENAREN ZIJN VAN ALLE ONDERVRAAGDEN DE GROOTSTE VOORSTANDERS VAN MEER OPENHEID

Deel deze pagina