CAO-OVERLEG

AFSPRAKEN BIJ GEMEENTEN EN RIJK BLIJVEN UIT

Tekst Ronald de Kreij Beeld FNV

‘EEN EERSTE DUIDELIJK STATEMENT RICHTING DE GEMEENTELIJKE WERKGEVERS’

Het blijft tobben met nieuwe cao’s voor de mensen die werken bij de gemeenten en het Rijk. De overheidswerkgevers houden vast aan een mager cao-bod, terwijl de bonden én de medewerkers menen dat het personeel juist nú echt beter gewaardeerd moet worden. Ondertussen loopt de spanning verder op.

Vakbondsbestuurder Marieke Manschot wond er in de vorige editie van dit digitale FNV Overheid Magazine geen doekjes om: ‘De cao-Gemeenten ligt dood voor de kast. De VNG biedt slechts 0,5 procent meer loon en geen uitzicht op een goede vitaliteitsregeling. Ook wil de VNG de na-wettelijke werkeloosheidsuitkering en het derde ziektejaar verder afschaffen. Hiermee krijgt de gemeenteambtenaar niet de waardering die hij juist nu verdient. Daarom zijn wij gestart met een actietraject.’

Manschot sprak haar woorden kort voor de zomerperiode uit, bijna als een spannende cliffhanger. Inmiddels is het half september en heeft Nederland het 'normale' leven weer opgepakt. Zo ook Manschot. Samen met haar collega-vakbondsbestuurders Fred Bos en Bea Bornstein én met de onderhandelaars van de twee overige betrokken vakbonden CNV en CMHF, heeft zij de eerste beloofde vervolgstap gezet. Op 16 september jongstleden hebben zij een kleine 20.000 handtekeningen aangeboden aan vertegenwoordigers van de werkgeversorganisatie VNG.

DUIDELIJK STATEMENT

‘Dat was een eerste duidelijk statement van onze zijde richting de werkgever’, vertelt Manschot. ‘Namelijk dat tienduizenden gemeenteambtenaren, leden en niet-leden van de vakbonden, vinden dat het de hoogste tijd is voor een goede nieuwe cao. Daarnaast hebben we een ultimatum gesteld. Wij willen dat die goede nieuwe cao er uiterlijk half oktober werkelijk ligt. Anders volgen er acties, te beginnen bij de buitendiensten van gemeenten die deze diensten in eigen beheer hebben.’

De bonden hebben de handtekeningen met een klein groepje afgevaardigden persoonlijk bij de VNG bezorgd. Maar de ceremonie werd door veel meer mensen bijgewoond. Opvallend veel gemeenteambtenaren namen deel aan een tegelijkertijd georganiseerde online manifestatie waarop de overhandiging zichtbaar was. Andersom konden de vakbondsdelegaties en de VNG-vertegenwoordigers via een livestream-verbinding ook de deelnemers aan de manifestatie zien.

Overigens zet de FNV in op minimaal 2,75 procent meer loon, eenmalig 200 euro netto als blijk van waardering voor gemeenteambtenaren die fysiek contact hebben met burgers en verhoging van het minimumloon naar 14 euro bruto per uur. Voorts wil de bond onder meer een vitaliteitsregeling voor jong en oud, en behoud van de na-wettelijke WW-uitkering en de uitkering van het derde jaar bij arbeidsongeschiktheid.

RIJKSOVERHEID

Het cao-overleg bij het Rijk liep maanden geleden al heel snel vast en in die situatie is nog altijd geen verandering gekomen. Kort voor de zomer presenteerde de werkgever een cao-bod. Dat riep heftige reacties op, zowel van FNV-leden als niet-leden. Het loonbod was veel te mager. Wat ook stak was dat elke andere verbetering 'betaald' moest worden met een andere verslechtering. Dit was geen basis waarop verder kon worden onderhandeld. De FNV en de andere bonden willen daarom eerst met de leden bekijken hoe verder te gaan.

FNV-bestuurder Marco Ouwehand zegt het nog maar een keer: ‘De Rijksoverheid is een vitale sector. Er wordt belangrijk werk verricht waarmee de publieke zaak wordt gediend. Dat verdient meer waardering dan waar de werkgever mee komt. Namelijk een loonbod dat zelfs ruim onder de inflatie ligt. In een tijd van oplopende krapte op de arbeidsmarkt zal het Rijk meer moeten bieden.’

PROVINCIES EN WATERSCHAPPEN

Ondanks eveneens stroeve cao-onderhandelingen bij de provincies en waterschappen, hebben de bonden en de werkgevers in deze overheidssectoren inmiddels wél een akkoord bereikt. De medewerkers bij de provincies krijgen met terugwerkende kracht tot 1 januari 2021 er 50 euro bruto meer salaris bij, en per 1 juli dit jaar 1,2 procent. Als waardering voor de getoonde flexibiliteit tijdens de coronacrisis ontvingen ze op 1 september 2021 een eenmalige bruto uitkering van 750 euro. De bedragen gelden voor deeltijders naar rato. De flexibiliteitsvergoeding wordt bovendien naar rato berekend van het aantal maanden dat de medewerker in dienst is van 1 januari 2021 tot 1 september 2021.

De waterschappen hadden binnen de overheidsdiensten als eerste een nieuwe cao, namelijk voor de zomer. Het meest opvallende onderdeel in die nieuwe cao is de 'tijd voor vitaliteit'-afspraak: alle medewerkers hebben een persoonlijk basisbudget dat ze kunnen gebruiken voor persoonlijke ontwikkeling.

Deel deze pagina